Don't Starve Together server: waarom je er eigenlijk twee draait
Don't Starve Together heeft een eigenaardigheid die je nergens anders tegenkomt: één server draait eigenlijk twee werelden tegelijk. De bovenwereld en de grotten zijn aparte processen die naast elkaar draaien en samen één spelwereld vormen.
Twee shards, één server
Zodra een speler een gat in gaat, wordt hij overgedragen aan de grotten-shard. Dat betekent dat je server in de praktijk twee instanties draait die allebei geheugen en rekenkracht vragen. Reken daar op bij het kiezen van een pakket — een DST-server met grotten is bijna twee keer zo zwaar als eentje zonder.
Je kunt de grotten uitschakelen als je ze niet gebruikt. Dat scheelt direct de helft.
Werelden blijven bestaan
Een DST-wereld gaat lang mee en verandert per seizoen. Doordat alles behouden blijft — bases, boerderijen, opgeruimde gebieden — groeit het opgeslagen wereldbestand geleidelijk. Dat is geen probleem, maar wel iets om back-ups van te hebben voordat je aan een nieuw seizoen begint.
Mods
Mods komen uit de Steam Workshop en worden server-side ingesteld. Spelers krijgen ze bij het verbinden automatisch aangeboden, wat DST een stuk toegankelijker maakt dan games waar iedereen zelf moet installeren.
Hoeveel RAM
2 GB is genoeg voor een groep vrienden met bovenwereld en grotten. Draai je een grotere publieke server met veel mods, dan is 4 GB comfortabeler.